Reset je brein met droedelkracht

 

Droedelen, zomaar een potje krabbelen op papier. Veel mensen doen het. Het lijkt niet nuttig, het wordt vaak niks en als het wel ergens op lijkt hoeft het niet mooi te zijn. Waarom doen ze het dan? ‘Weet niet, het is gewoon lekker’ zullen de meesten zeggen. Maar toch zit er meer in dan je op het eerste oog denkt.

 

Waarom droedelen mensen? Dat is waarschijnlijk omdat je door de herhalende, ritmische beweging je gedachten ordent. Dat is nodig als je teveel informatie krijgt om te kunnen verwerken. Je kortetermijngeheugen loopt vol. Het kan al die prikkels niet verwerken. Af en toe heeft je brein pauze nodig om de belangrijkste informatie op te slaan. Dat doe je van nature door even te stoppen met denken en te bewegen. Je veegt met die beweging als het ware het bord schoon zodat er weer iets nieuws op kan. Je kunt het vergelijken met het werkgeheugen en de opslag op de harde schijf. Als het werkgeheugen overbelast raakt loopt je computer vast en kan hij niets meer opslaan. Frustrerend! Die frustratie is op zich al een aanslag op je werkgeheugen, dus dat moet je voorkomen door tijdig rust te nemen.

Zorg voor je eigen rustmomentjes

Mensen droedelen dus omdat ze dat nodig hebben. Ze droedelen vooral als ze moe zijn en niet kunnen weglopen. Zoals bij een telefoongesprek, of een vergadering. Als ze dan een pen of potlood in de hand hebben beginnen ze te krabbelen. Tegenwoordig lopen we vaak onder het bellen, en vergaderingen worden om deze reden ook wel staande gehouden. Dat fijn, maar dan kun je weer niet droedelen. Gelukkig zijn er nog genoeg momentjes over waarop je potlood en papier kunt pakken om droedels te maken. Droedel als je je hoofd niet stil kunt krijgen. Droedel als je moe bent en het lastig vindt om helemaal niks te doen. Droedel als er iets in je broedt maar je er net niet bij kunt komen. Droedel om patroontjes te tekenen of om allerlei tekentechniekjes uit te proberen. Of gewoon, omdat je het lekker vindt!

Nutteloos ‘klooien’ is hartstikke nuttig

Je ziet het al, er zijn heel veel redenen om te droedelen. Kinderen doen het eigenlijk veel te weinig. Veel kinderen denken dat ze meteen een serieuze tekening moeten maken, dat het ergens op moet lijken of ze tekenen steeds maar weer hetzelfde pokemonpoppetje omdat ze dat toevallig goed kunnen. Dat blokkeert hun vermogen om nieuwe dingen uit de vinden. Uitvinders proberen van alles, vaak zonder dat het iets wordt. Zomaar voor de lol, of omdat het idee wel leuk was maar toch niet was wat hij ervan gedacht had. Was het dan een nutteloze tijdverdrijf? Welnee! Zo komt hij achter heel veel dingen, wordt steeds handiger met materialen en op een dag vindt hij iets uit wat wel nuttig is. Zonder al die lol vooraf was die uitvinding er nooit gekomen. Het is dus belangrijk om vaak te ‘klooien’ . Je kop moet immers leeg om hem weer te kunnen vullen? En al doende wordt je steeds beter!

Toveren met kleurpotloden

Genoeg gepraat! Aan de slag. We gaan een verrassingsdroedel maken. Je weet niet wat het wordt, maar zoekt uit wat je ermee kan. Stel je voor dat je een leerlingtovernaar bent. Je hebt een kleurpotlood als toverstaf. De toverspreuk is vijf keer achter elkaar: een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tien, elf, twaalf!  Op elke tel zet je snel een horizontale of verticale lijn op je papier. Kort en lang, kris kras door en over elkaar. Bovenaan je papier teken je af en toe een diagonale lijn, zoals een dak. De toverspreuk is dan misschien gemakkelijk, maar op elke tel een lijn trekken en zonder nadenken snel een willekeurige hoek om gaat, dat  valt nog niet mee. Eerst in de lucht vooroefenen is dan ook niet verkeerd. Als dan je blad vol kaarsrechte lijnen staat ga je vakjes vullen. Dat worden muren, ramen, deuren en daken. Langzaam zie je een dorpje, stad of kasteel tevoorschijn komen. Er groeien bomen, gras en struiken. Er lopen mensen en dieren. In de lucht zie je vogels en vliegtuigen. Bedenk het niet van tevoren maar laat je verrassen.

Even voorstellen: de oerdroedel

Toegegeven, tovertekenen is best pittig. Je moet snel rechte lijnen kunnen maken, razendsnel van richting kunnen veranderen en lijnen kriskras door elkaar kunnen tekenen. En je hebt best wel een beetje fantasie nodig om uit die lijnen en vlakken een dorp of kasteel te toveren. Maar zo moeilijk hoef je het jezelf niet meteen te maken. Begin eens met de oerdroedel. Dat is waarmee de meeste droedelaars beginnen. Het is een stip met daaromheen telkens steeds een ander randje. Bijvoorbeeld: stip, eromheen een cirkel, daaromheen kleine cirkeltjes. Een golfje om alle stipjes, en nog eens, en nog eens. Het is heel lekker om steeds maar door en door te gaan, rond en rond. Dat hoeft niet netjes, welnee! Die gaatjes tussen de lijntjes kun je juist goed gebruiken. Vul ze op met je lievelingskleuren, en gebruik vooral ook hier en daar goud, zilver of neon.

Kinderen van hippies maakten Silicon Valley

Ons werkgeheugen moet dus geregeld even rust krijgen om geleegd te worden. Dat is nodig om de harde schijf met data te kunnen vullen. Als alles al vaststaat kun je niks meer zelf bedenken,  je volgt alleen nog maar de gebaande paden. En nu we het toch over computers hebben, wist je dat Silicon Valley is ontstaan doordat kinderen van hippies in schuurtjes alle tijd en ruimte kregen om de computer uit te vinden? En cafe’s vrijelijk hun vondsten deelden? Geen mens die wist dat veel van die kinderen nu multi-miljardair zijn. Dat was dus niet het doel. Het doel was de lol van het ontdekken. Het luie, langharige werkschuwe tuig van toen had dus toch een punt. En dat het nageslacht van die gemakzuchtige ouders dat heel goed weten blijkt wel uit het feit dat zij hun kinderen zo lang mogelijk geen computers geven en zoeken naar creatieve scholen met veel vrijheid.

Niks niksen mag, niksen moet!

Ook in Finland zijn ze erachter: met korte, goed doordachte lessen, geen huiswerk en veel pauzes staan ze al jaren aan de top van de wereldranglijst voor goede onderwijsresultaten. Geregeld stoppen met nadenken loont dus. Dat kan door te sporten, dansen, zingen of door te droedelen. Terwijl je sport, zingt, danst of droedelt zet je je gedachten stil. Je kunt niet malen maar moet honderd procent focussen op de activiteit. Je doet. Droedelen is tekenen zonder doel, zonder oordeel, zonder een mening over het resultaat. En dat is precies wat je af en toe nodig hebt. Nutteloos gekrabbel is dus hardstikke nuttig!

Dit artikel verscheen eerder in het winternummer van 2017/18 van GIFTED@248; een magazine over (hoog)begaafde kinderen.

De verbeterde versie van droedelen vind je in Het Grote Droedelboek. Elke week een andere droedel waardoor droedelen blijft boeien! 

Met je eigen droedelboek geef je jezelf zeker 1000 rustmomentjes. Spelenderwijs leer je ook nog tekenen! Alle tekentechnieken zijn slim verborgen is kleine droedeltjes die je eindeloos kunt variëren. Zonder moeite verken je zo het hele scala van kras tot perspectief, van lijn tot vlak.

Bestel het boek hier , en geef het aan jezelf of aan iemand anders die je graag wilt verwennen! (Droedelen is ook geschikt voor kinderen. Jonge kinderen doen graag met je mee. Vanaf tien jaar kunnen ze het zelf.)

Meer info over de auteur

Marijke Sluijter is docent Zinvol Tekenen met Kinderen. Ze leert  leerkrachten, kindercoaches en kindertherapeuten hoe zij Zinvol Tekenspel toe kunnen inzetten bij de ontwikkeling van de emotionele, sociale en cognitieve vaardigheden. Ze schreef ‘Het Grote Droedelboek; Reset je brein met droedelkracht’, ‘Educreation;  Hoe kinderen leren spreken, rekenen, schrijven en lezen in verbinding met zichzelf, de ander en de wereld’ en ‘Aanraken, een levensbehoefte; Aanraakspel in kinderopvang en school’. Ze was hoofdredacteur van Educare; opgroeien in verbondenheid. Haar favoriete rubrieken waren ‘Spelen met… ‘niets’ over kinderspel met licht, lucht en soortgelijke fenomenen en ‘Hap!’ over lekker klooien in de keuken. 

 

 

Plaats een reactie

Je emailadres zal nooit met anderen worden gedeeld! Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

*
*